ADHD of Beelddenken

ADHD of Beelddenken?

Hebben we te maken met ADHD of Beelddenken? ADHD laat overlappende kenmerken zien met Beelddenken. Dat kan verwarring geven. Heeft het kind ADHD of is het kind een Beelddenker? Beelddenkers laten net als kinderen met ADHD een zwakke concentratie zien. Dat komt omdat Beelddenkers op een ander manier hun informatie verwerken.

Andere manier van informatie verwerken

De zwakke concentratie bij Beelddenkers wordt veroorzaakt door een andere manier van informatie verwerken. Beelddenkers werken vanuit het geheel, al associërend naar de kern. Zij krijgen het ene associatie  beeld over het ander associatiebeeld. Deze beeldenstroom gaat heel snel!


Wat betekent informatie associërend verwerken?

Een beelddenker verwerkt een probleem vanuit het overzicht. Vanuit dit overzicht komen zij al associërend naar een antwoord. Dit gebeurt niet netjes op tijd en volgorde.

Associaties

Een beelddenker krijgt veel associatiebeelden die elkaar zelfs overlappen. Wat gebeurt er bij de Beelddenker als de leerkracht lesstof uitlegt voor het bord?

Bijvoorbeeld de uitleg van breuken

Het kind krijgt uitleg van de leerkracht over bijvoorbeeld breuken. De leerkracht legt de breuken aan de hand van een pizza uit en zegt: `Kijk eens naar deze pizza` en tekent een pizza op het bord.
Het kind hoort het woord ‘pizza’ en krijgt meteen associatiebeelden die elkaar razendsnel opvolgen:

beeld van de pizzeria met opa op zijn verjaardag ⇒ het volgende associatiebeeld dringt zich al weer op ⇒

hele mooie, grote vleestomaten op onze vakantie in Spanje ⇒ het volgende associatiebeeld dringt zich al weer op ⇒

lekker zwemmen elke dag in de zee  ⇒ het volgende associatiebeeld dringt zich al weer op ⇒

zwemles thuis ⇒ het volgende associatiebeeld dringt zich al weer op ⇒ nieuwe joggingpak is lekker warm …

De beelddenker ziet dan op eens een pizza in drie stukken getekend op het bord. Hij heeft de eerdere uitleg gemist. Oei, hij snapt nu niet wat de leerkracht zegt. De Beelddenker ziet in zijn ooghoek een kind dat zogenaamd een pizza zit te eten. Hij lijkt wel een aap. En… daar gaan zijn associaties weer. De Beelddenker denkt aan Artis met zijn neef ⇒ de volgende associatie verschijnt  ⇒ het ijs was zo lekker in Artis ⇒ de volgende associatie verschijnt ⇒ met name aardbeienijs ⇒ de volgende associatie verschijnt ⇒ oma had altijd van die lekkere aardbeien op een beschuit, enz…

De uitleg van de breuken is de mist in gegaan

De uitleg van de breuken is aan de Beelddenker voorbij gegaan door zijn associatiebeelden. Het lijkt of de Beelddenker niet oplet, maar hij verwerkt veel associatiebeelden. Hij droomt weg. En de leerkrachten zeggen dan: `Pepijn droomt vaak weg, maar hij kan er niets aan doen. Het overkomt hem!`

Per minuut 1500 visuele waarnemingen

Een leerling die zijn informatie voornamelijk via beelden verwerkt, neemt al snel 1500 prikkels per minuut waar.

Wat gebeurt er als de beelddenker naar de leerkracht luistert?  Terwijl de beelddenker naar de leerkracht kijkt, neemt hij het volgende waar:

  • de blik in de ogen van de leerkracht
  • gel in het haar van de meester
  • de rekenposter naast het bord

Maar het kind neemt ook vanuit de ooghoeken waar wat er naast hem gebeurt en krijgt impulsen als:

  • zijn buurvrouw die met haar vlechten speelt
  • Rik heeft vandaag een super spijkerbroek aan
  • er vliegt een vogel naast het raam
  • Joke kauwt op haar potlood
  • enz…

1500 prikkels tegenover 200 woorden

In tegenstelling tot de 1500 prikkels van visuele waarnemingen, kan een persoon maar 200 woorden in een minuut uitspreken of denken.
Probeer het zelf maar eens.
Omschrijf nu eens een beeld dat we laten zien, terwijl je begint, laten we het volgende beeld al weer zien, terwijl je begint, laten we weer een volgend beeld zien. terwijl je begint, laten we weer een volgend beeld zien.

Dit zijn associaties. Lastig dus!
De associatiebeelden geven onrust en chaos in het hoofd van het kind.
Dat lijkt op ADHD, maar het is het associatieve denken van een Beelddenker!

Een beelddenker wil geluid zien

De belangrijkste leeringang zijn de ogen van een Beelddenker (visueel). Als een Beelddenker geluid hoort, wil hij het geluid ook zien. Als dit achter in de klas gebeurt, zal hij zich omdraaien om het geluid te zien!
Dit beïnvloedt natuurlijk de concentratie.
We zullen al snel aan ADHD denken, omdat het kind niet kan stil zitten.

Zwakke concentratie

De zwakke concentratie van een beelddenker is vooral toe te schrijven aan de associatieve informatieverwerking en het feit dat de ogen eerst informatie willen zien! Dus naar geluid wordt ook gekeken!

Wat is het essentiele verschil tussen ADHD en Beelddenken

Als een Beelddenker een duidelijk, korte, gestructureerde opdracht krijgt, zal de Beelddenker aan het werk gaan. Een Beelddenker zal dus bij de juiste opdrachten geconcentreerd de opdracht doen. Een kind met ADHD laat na dezelfde duidelijke opdracht nog steeds een zwakke concentratie zien.

Wat kunnen we doen om een Beelddenker beter te laten concentreren bij het luisteren naar uitleg?

Een

idee kan zijn: Doodling of droedelen.

Wat is doodling?

Doodling is zonder na te denken tekeningetjes, bepaalde vormen, krullen enz. krabbelen terwijl je luistert naar iemand. Je bent doelloos aan het tekenen, krabbelen, terwijl je aandacht bij de leerkracht is. Het voorkomt dat je wegdroomt.
Een mooie concentratieoefening!

Leren in Beweging

Wil je kennismaken met Leren in Beweging?

Module IV Into Bounce Leren in Beweging van de Beeld en Brein Coach 2.0 opleiding is ook los te volgen.

Je kunt een GRATIS e-book downloaden: Beelddenken in beweging.

Ik wens je veel concentratie!

Anneke Bezem